#13 Vandaal

Rock in hand

Na een tijdje pissig, verdrietig en gefrustreerd te zoeken naar iemand die mijn gitaar had gezien zat ik weer op hetzelfde bankje waar ik in mijn gevoel, een uurtje geleden mijn gitaar had afgegeven. Ik staarde naar het de stad. Gefrustreerd, verdrietig en verloren.

Even later kwam ik terug bij de fontein. Opnieuw raakte ik gefascineerd. Dit keer viel het me op dat er in het water een stalen buis lag. Er lagen ook schoenen in het water liggen. Hele rare schoenen, zo raar voor mij dat ik dacht dat ze wel eens magische schoenen konden zijn. Ze lagen echter net buiten mijn bereik.

Naast de fontein besloot ik mijn schoenen en mijn shirt uit te doen en mijn broekspijpen op te stropen. Mijn paspoort en portemonnee haalde ik even uit mijn broekzakken en legde deze naast de fontein. Ik stapte in het water, pakte de schoenen en stapte weer uit de fontein.
Ze paste ook nog. Dat vond ik best bijzonder want niet veel mensen in Portugal hebben maat 46. Ze liepen niet erg fijn maar dat kwam ook omdat ze nat waren, dacht ik.

Ik was impulsief. Ook dacht ik dat al mijn gedachten klopten. Deze gedachtenpatronen waren echter niet heel logisch. En als je onlogische gedachten direct opvolgt, doe je rare dingen.
Met mijn nieuwe schoenen liep ik wat rond om ze te testen. Tijdens deze wandeling viel het me op dat bijna alle steentjes van het parkje gemakkelijk los te halen waren. Het waren vierkante gele steentjes, ten grote van een tennisbal.

Tijdens een psychose lijken sociale normen soms weg te vallen. De ervaring in het moment leek het enige wat er nog toe deed. Het leek erop dat ik gedreven was nieuwe dingen te ervaren.

Puur uit interesse begon ik een paar stenen los te wrikken uit het pad rond de fontein. Deze eerste losse stenen gooide tegen de natuurstenen muur van de fontein aan.
Jeetje, wat is dit?’ dacht ik ‘komt er nu meer water uit de fontein?’. Ik was er van overtuigd dat het werkelijk zo was.
De fontein bestond uit dezelfde steentjes. Deze begon ik los te wrikken. Deze gooide ik ook tegen de fontein. Eerlijk gezegd vond ik het op dat moment leuk om te doen.
Dat is ook was misschien ook de reden dat ik niet uit deze staat van zijn geraakte. Het was leuk, het voelde prettig, avontuurlijk en als een hele bijzondere ervaring. Waarschijnlijk wou ik er zowel bewust als onbewust mee door gaan.

Om het stenen gooi proces efficiënter te maken legde ik eerst twintig stenen op een rij en gooide ze vervolgens snel achter elkaar tegen de fontein aan. Ondertussen begon het water steeds sneller te lopen. Dit bleef ik doen tot mijn vreugde de fontein begon te overstromen. ‘Hoera, het werkt, nu krijgt het parkje weer water!’.
Verbluft staarde ik naar wat ik had gedaan. Had ik dit nu echt net gedaan. Was de fontijn door mij gaan overstromen?

Voordat ik er verder over na kon denken scheen er ineens een zaklamp in mijn gezicht. ‘Oi, que passa aqui?’. Het was een man in een blauw fluoriderend hesje met ‘securidad’ er op.
Zonder er verder na te denken rende ik hard weg.

Achteraf gezien had ik vlak na het roken van skunk een paar hallucinaties. Daar naast leken kleuren feller en geluiden vervormd. Mijn reactie op deze omstandigheden was nog altijd impulsief en ondoordacht.

Volgende hoofdstuk